Hierronder vind je een aantal voorbeelden van duurzaam lokaal beleid in Vlaanderen. Het is niet onze bedoeling om volledigheid na te streven, wel om een aantal documenten en instrumenten voor te stellen die voor andere gemeente ook interessant kunnen zijn.
1. Gent
In 2008 beschreef de stad Gent haar stadsmissie in de tekst ‘Gent 2020’. De volgende jaren wil Gent voluit de kaart trekken van stedelijke ontwikkeling en vernieuwing en daarbij duidelijk kiezen voor een duurzaam beleid. Ondertussen is een programmaregisseur duurzaamheid aangesteld die de integratie van verschillende duurzaamheidsaspecten binnen de stad zal coördineren.
In 1998 is de stad Leuven, in samenwering met de Bond Beter Leefmilieu van start gegaan met de uitwerking van een Lokale Agenda 21. Eind 2002 werden verenigingen, bedrijven en kennisinstellingen hierbij betrokken en verenigd in het Platform Lokale Agenda 21. Na 3 jaar resulteerde een verregaande evaluatie met alle partners tot een nieuwe structuur, die moet zorgen voor breed gedragen en herkenbare projecten over duurzamen ontwikkeling. Het Netwerk Duurzaam Leuven werd geboren.
In het najaar van 2006 werd het Steunpunt Lokale Agenda 21 gecontacteerd door de duurzaamheidsambtenaar van de stad Halle om ondersteuning te bieden aan de opmaak van een beleidsnota Duurzame Ontwikkeling. In het einddocument staan een aantal voorstellen en aanbevelingen die we hebben opgemaakt aan de hand van interviews met belangrijke zie sleutelactoren.
Sinds 2007 is het Brussels Gewest van start gedaan met het programma 'Agenda Iris 21' . Doelstelling is om gemeenten en OCMW's aan te moedigen om een 'Lokale Agenda 21' uit te werken. De Lokale Agenda 21 is een project onder impuls van de verkozenen, waarbij zowel de overheid, burgers als ondernemingen betrokken zijn. Het verbindt verschillende dimensies van duurzame ontwikkeling en behandelt de economische, sociale en milieu-aspecten harmonieus. Het programma wordt gedragen door Leefmilieu Brussel, het instituut voor milieubeheer van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
Jaarlijks wordt een projectoproep gedaan, waarvoor twee soorten projecten in aanmerking komen:
de opstelling van een Lokale Agenda 21
de uitvoering van een voorbeeldproject rond duurzaamheid
In 2007 startten er 9 Lokale Agenda 21 (8 gemeenten en 1 OCMW), in 2009 waren dit reeds 16 gemeenten en OCMW’s! Alle gemeenten die deelnemen moeten bovendien de Engagementen van Aalborg ondertekenen, waardoor ze zich dus ook in het internationale proces plaatsen. In de eerste fase moeten gemeenten een diagnose of een nulmeting maken. Naast deze diagnose zijn de centrale principes transversaliteit in de eigen werking en participatie van de bevolking.
Het originele van Agenda Iris 21 ligt in de variatie van de steun aan de lokale besturen. Zo biedt het Gewest de gemeenten en OCMW’s naast financiële en administratieve ondersteuning ook methodologische bijstand. Er worden vormingen georganiseerd rond participatie, diagnose en transversaliteit waarbij het uitwisselen van competenties en ervaring centraal staat.
Op de website http://agenda-iris-21.be/nl vind je info over alle gemeenten en OCMW's die betrokken zijn bij het project. Je kan kiezen voor een uitgebreide beschrijving per gemeente of per OCMW of je kan voorbeelden zoeken per thema (kies een categorie recht op de webpagina).
Getuigenis uit het OCMW van Sint-Jans-Molenbeek: Ons ocmw was al bezig met kleine inspanningen rond leefmilieu», vertelt Vincent Libert, van het Strategisch Departement van het ocmw. «Het begrip duurzame ontwikkeling sijpelde informeel door in de structuur. In 2007 werkte een stagiaire rond het selectief sorteren van afval en ze sprak daarover met haar collega’s om hen daarvoor gevoelig te maken. Dankzij de oproep «Agenda 21» konden we die logica vervolgens doortrekken en een initiatief bedenken en uitwerken. Het gaf ons de tijd om na te denken». Lees hier meer over de concrete acties en projecten die uit de oproep voortvloeiden.
Voorbeelden EDO gezocht
Het Steunpunt Lokale Agenda 21 is dringend op zoek naar goede voorbeelden van gemeenten die een project of actie hebben lopen passende binnen educatie voor duurzame ontwikkeling. Het gaat hier niet om klassieke NME, maar om educatie die in de eerste plaats capaciteiten van de deelnemers versterkt om oordelen te vellen en keuzes te maken ten voordele van duurzame ontwikkeling. Eind najaar willen we deze voorbeelden bundelen in een handboek. Stuur kort een korte omschrijving van je project of actie door, enkele zinnetjes volstaan. Wij contacteren je dan voor meer informatie.
Dit jaar maakt het Steunpunt Lokale Agenda 21 in samenwerking met LNE een handboek rond educatie voor duurzame ontwikkeling (EDO) voor lokale besturen. Het concept van duurzame ontwikkeling leert ons dat heel wat hedendaagse maatschappelijke problemen bijzonder complex zijn. Vaak bestaat er een nauwe verwevenheid tussen sociale, economische en milieuaspecten. Een traditionele, reductionistische kijk op educatie volstaat niet meer. Educatie voor duurzame ontwikkeling gaat voornamelijk over het promoten van een andere leercultuur waarin aandacht is voor de complexiteit van samenleving en voor de alternatieven. En dat vooral dient om de handelingsbekwaamheid van de deelnemers te versterken. De UNECE (United Nations Economic Commission for Europe) verwoordt het zo“. Educatie voor duurzame ontwikkeling ontwikkelt en versterkt de capaciteit van individuen, groepen, gemeenschappen, organisaties en landen om oordelen te vellen en keuzes te maken ten voordele van duurzame ontwikkeling. In bijlage vind je de eerste, voorlopige tekst van de handleiding over wat edo juist inhoudt.
Met onze handleiding willen we het moeilijke begrip EDO praktisch bruikbaar maken voor gemeenten. Daarom zijn we op zoek naar goede voorbeelden uit Vlaamse gemeenten van acties en projecten rond educatie voor duurzame ontwikkeling waarbij het gemeentebestuur een rol heeft gespeeld. De voorbeelden kunnen zowel komen uit het formeel onderwijs als uit het niet-formeel leren (projecten of acties naar de bevolking toe, jeugdbewegingen, verenigingen, ….) In het formeel onderwijs kan het bijvoorbeeld gaan over het verbreden van de MOS werking naar duurzame ontwikkeling, om het stimuleren van samenwerkingsverbanden tussen scholen, middenveldorganisaties of andere actoren. In het niet-formeel onderwijs kan het bijvoorbeeld gaan over info-avonden die op een heel emancipatorische wijze zijn aangepakt en waarbij een link werd gemaakt tussen verschillende thema’s en problematieken. Het kan ook gaan over een aanbod naar jeugdbewegingen of andere doelsgroepen rond duurzame ontwikkeling. Of de gemeentelijke infrastructuur die wordt verduurzaamd en waarover wordt gecommuniceerd, of een evenement waarin duurzame ontwikkeling centraal staat, … Zoals je ziet is de waaier van mogelijkheden heel ruim. Alle voorstellen zijn dus welkom. Uit de verschillende voorbeelden die binnenkomen zullen wij in juni een aantal projecten en acties selecteren. Van deze projecten zullen we contactpersonen in de zomer verder interviewen. We hopen alvast op jullie hulp voor deze zoektocht naar goede voorbeelden. Kennen jullie een aantal goede voorbeelden rond EDO? We hebben voorlopig geen uitgebreide voorstelling nodig van de projecten, wat we voorlopig nodig hebben is een contactpersoon en een korte omschrijving.
Contacteer Deirdre Maes op 02/536.19.63 of
stad Halle
In het najaar van 2006 werd het Steunpunt Lokale Agenda gecontacteerd door de duurzaamheidsambtenaar van de stad Halle om ondersteuning te bieden in de opmaak van een beleidsnota Duurzame Ontwikkeling. Er was reeds een startnota met als titel ‘Halle… een duurzame stad’ goedgekeurd door het managementteam. Aan de hand van dit document deed het Steunpunt zes interviews, o.a. met de burgemeester. Hieronder vind je het einddocument, al worden de interviews wel niet weergegeven.
In het document vind je heel wat achtergrondinformatie rond duurzaam lokaal beleid gekoppeld aan een aantal concrete voorstellen een aanbevelingen.
In 1998 is de stad Leuven, in samenwerking met de Bond Beter Leefmilieu, van start gegaan met de uitwerking van een Lokale Agenda 21. In de loop van de werking werden steeds meer partners samen rond tafel gebracht, waaronder de universiteit, verschillende verenigingen, bedrijven en instellingen. Eind 2002 hebben zij zich met de stad verenigd in het Platform Lokale Agenda 21 Leuven. Initiatieven werden themawijs besproken, op elkaar afgestemd en versterkt.
Na 3 jaren werking resulteerde een verregaande evaluatie met alle partners tot een nieuwe structuur, die moet zorgen voor breed gedragen en herkenbare projecten over duurzame ontwikkeling. Het Netwerk Duurzaam Leuven werd geboren.